← Alle publicaties
Société des Amis de Marcel Proust — Publicatie

Illiers-Combray — Het vijftigjarig jubileum van de naamsverandering

2021

In 1971 werd het stadje Illiers, in de Eure-et-Loir, bij decreet van 29 maart, ondertekend door minister van Binnenlandse Zaken Raymond Marcellin, officieel omgedoopt tot Illiers-Combray. Deze in de Franse gemeentelijke geschiedenis unieke daad — de toevoeging van een fictieve naam aan de werkelijke naam van een gemeente — beoogde, ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van Marcel Proust, de onlosmakelijke band te bekrachtigen tussen het stadje aan de Loir en het imaginaire dorp dat in het hart van de Recherche du temps perdu klopt. Vijftig jaar na deze gebeurtenis wilde de Société des Amis de Marcel Proust et des Amis de Combray de weinig bekende geschiedenis ervan reconstrueren, met een eerbetoon aan de plaatselijke figuren die er de ware grondleggers van waren.

Deze brochure, die in mei 2021 verscheen en gratis onder de inwoners van Illiers-Combray werd verspreid, bundelt vijf originele bijdragen van leden of naasten van de vereniging. Ver van de gebaande paden nodigt zij uit tot het volgen van vier decennia proustiaanse passie, vastberaden inzet en mooie trouw, en geeft zij de rechtmatige plaats terug aan hen die, in de schaduw, ervoor zorgden dat Combray niet slechts een naam uit een roman zou blijven.

Overzicht

Op 29 juni 1970 wordt tijdens een gemeenteraadsvergadering van Illiers het besluit tot naamsverandering voorgelezen en met algemene stemmen op één na aangenomen. Negen maanden later wordt het decreet ondertekend en gepubliceerd in het Journal officiel van 7 april 1971: Illiers heet voortaan Illiers-Combray. Deze uitkomst bekroont een lange geschiedenis, waarvan de brochure de belangrijkste episodes schetst.

Zij herinnert eraan dat het idee niet nieuw was: reeds in 1948 had Philibert-Louis Larcher, oprichter van de Société des Amis de Marcel Proust et des Amis de Combray, dit verzoek bij de gemeente ingediend, die het met algemene stemmen had verworpen. Meer dan twintig jaar lang zette hij zijn strijd voort met opmerkelijke vasthoudendheid: hij liet bezoekers de Maison de Tante Léonie zien, gidste honderden lezers door de straten van het stadje, gaf elke zondag proustiaanse lezingen en maakte van Illiers een levend literair heiligdom.

Pas met René Compère, in 1965 tot burgemeester gekozen, wordt de convergentie tussen de ambities van de SAMP en de gemeentelijke wil mogelijk. Compère, voormalig rector van het Lycée Marcel Proust in Illiers, van opleiding historicus en gepassioneerd filatelist — in 1966 had hij de uitgifte van een postzegel met het portret van Proust weten te bewerkstelligen —, deelde met Larcher een diepe gehechtheid aan de stad en aan het werk van de schrijver. Samen brachten zij dit project vooruit, dat twee generaties Islériens hadden zien ontstaan en weer verdwijnen.

Illiers is een van de zeer weinige gemeenten ter wereld die in haar eigen naam het spoor van een literair werk draagt — naast Ferney-Voltaire. Dit geeft een indruk van de ambitie en de originaliteit van de daad die in 1971 werd voltrokken. De publicatie reproduceert bovendien een artikel uit La République du Centre van 8 april 1971, evenals de brief die Jeanne Proust in juli 1904 aan de burgemeester van Illiers richtte, waarin zij het stadhuis een foto van dokter Adrien Proust aanbood: een eerste officiële toenadering, een verre voorafspiegeling van de metamorfose die komen zou.

Auteurs en medewerkers

Jérôme Bastianelli, voorzitter van de Société des Amis de Marcel Proust et des Amis de Combray, tekent voor het voorwoord. Hij plaatst de gebeurtenis in haar historische en culturele context, benadrukt de zeldzaamheid van het fenomeen en presenteert de brochure als een bescheiden mijlpaal in de lange gedeelde geschiedenis tussen de stad en de vereniging.

Claire Saillant, kleindochter van René Compère, en haar echtgenoot Bruno Saillant schetsen samen het leven en het werk van hun voorvader. Geput uit familiearchieven, de jaarverslagen van de SAMP en uit eerste hand verzamelde getuigenissen, tekenen zij het portret van een discrete man met een onvoorwaardelijk plichtsbesef, wiens gehechtheid aan Illiers en aan het proustiaanse oeuvre zich meer dan veertig jaar lang ontvouwde, ver voorbij zijn ambtstermijnen.

Élyane Dezon-Jones, lid van de raad van bestuur van de Société des Amis de Marcel Proust et des Amis de Combray, brengt vanuit haar eigen ervaring als bezoekster een eerbetoon aan Philibert-Louis Larcher. Zij roept de scherpe persoonlijkheid van de oprichter op, zijn eruditie, zijn manier om Combray louter door de kracht van proustiaanse citaten uit Illiers te doen oprijzen.

Mohic Lavergne, geboren in Illiers en onderwijzeres, getuigt van de blijvende band tussen het stenen erfgoed en het literaire erfgoed in het dagelijks leven van de stad. Zij beschrijft onder meer de festiviteiten rond de vijftigste verjaardag, gekenmerkt door optochten in kostuums uit 1900 en openbare voorleessessies.

Didier Caffot, voorzitter van de Société dunoise, deelt kostbare persoonlijke herinneringen aan de zomer van 1972, toen hij Philibert-Louis Larcher in de laatste maanden van diens leven meermaals ontmoette.

Inhoud

  • Voorwoord (Jérôme Bastianelli)
  • René Compère, eerste burgemeester van Illiers-Combray (Claire Saillant en Bruno Saillant)
  • Eerbetoon aan Philibert-Louis Larcher (Élyane Dezon-Jones)
  • Illiers, koppelteken, Combray (Mohic Lavergne)
  • Hulde aan Philibert-Louis Larcher — Herinneringen aan de zomer van 1972 (Didier Caffot)
  • In 1904, een eerste toenadering tussen Illiers en de familie Proust (document)

Bibliografische gegevens

  • Formaat: brochure
  • ISBN: 978-2-492318-07-8
  • Prijs: 5 €
  • Uitgever: Société des Amis de Marcel Proust et des Amis de Combray, Illiers-Combray
  • Wettelijk depot: mei 2021